30-07-09

brontekst 13 - 20 politiek

  politiek  1750-1900

13. HEINE OVER DELACROIX

In het kunsthistorisch handboek Algemene Kunstgeschiedenis van H. Honour en J. Fleming uit 2009 is een fragment opgenomen over een tekst van de beroemde dichter Heinrich Heine over het schilderij van Delacroix van de Vrijheid die het volk leidt. Heinrich Heine had zich destijds om politieke redenen gevestigd in Parijs. Volgens Heine baarde Vrijheid die het volk leidt veel opzien omdat het werd beheerst door ‘een grote gedachte’, in dit geval een politieke gedachte. 

Lees de BRON. Om deze reden sluit het aan bij de context politiek, tijdvak 1750-1900.

Eugène Delacroix  Vrijheid leidt het volk  1830  2.60 bij 3.25 m

De Franse revolutie, voortgekomen uit het ideaal van de Verlichting (Montesquieu), bood ook een basis voor heroïsche en chauvinistische emoties. Heinrich Heine beschrijft hoe Delacroix deze in beeld bracht.

13.1 -  Dit schilderij van Delacroix is een historiestuk, het beeldt de de Franse julirevolutie uit in een klassieke compositie (centrale driehoek). Beschrijf de voorstelling.

13.2 - Het kleurgebruik draagt sterk bij aan het heroïsche effect. Geef aan welke kleursoorten Delacroix hier heeft toegepast, en leg uit hoe dit bijdraagt aan de heroïek.

13.3 - De jonge vrouw in het midden is een allegorische figuur. Licht dit toe.

13.4 - Wat is volgens Heine het effect van de rode Phrygische muts van de allegorische figuur in het schilderij?

13.5 - Waar vind Heine deze vrouw een mengeling van? Noem twee aspecten.

13.6 - Heine schrijft: '..een grote gedachte heeft deze arme/gewone mensen tot heiligen verheven..' Welke gedachte wordt bedoeld?

13.7 - De techniek die Delacroix toepaste is volgens Heinrich Heine heel effectief. Beschrijf deze techniek in eigen woorden en het effect daarvan dat Heine noemt.

13.8 - Heinrich Heine stelt dat het schilderij een eerbetoon is aan de Julirevolutie. Noem drie argumenten die hij hierbij aanvoert.

13.9 - Men vermoedt dat de man met de hoge hoed een zelfportret is van Delacroix. Leg uit waarom dit gezien kan worden als een aankondiging van de veranderende positie van de kunstenaar in de Romantiek.
__________________________________________

14. DE KUNST VAN LINCOLN

Herbert Mitgang schreef in 1970 een artikel in American Art Journal over het engagement van Abraham Lincoln met de kunsten en zijn stimulerende en respectvolle houding richting kunstenaars. De zestiende president van de Verenigde Staten kreeg het overigens zwaar te verduren door verschillende politiek tekenaars die het niet eens waren met zijn beleid, bijvoorbeeld ten aanzien van gekleurde Amerikanen. Politieke karikaturen werden ook als genre steeds belangrijker door de opkomst van de eerste massamedia als kranten en tijdschriften. 

Lees de BRON. De tekst hoort bij de context politiek, tijdvak 1750-1900.


14.1 - Noem vier grote veranderingen in de kunstwereld die tijdens het (volwassen) leven van Lincoln plaatsvonden.

14.2 - Noem vier kunstdisciplines die door Lincoln werden aangemoedigd.

14.3 - Noem een concreet voorbeeld hoe Lincoln vorm gaf aan zijn aanmoediging aan jonge en talentvolle kunstenaars. Licht in je antwoord de opvatting van Lincoln over het ondersteunen van kunstenaars toe.

14.4 - Wie was Sir John Tenniel en waarmee is hij aan het begin van zijn carrière beroemd geworden? Noem twee voorbeelden.

14.5 - Een van de bekendste cartoons die van Lincoln zijn gemaakt is Lincoln als biljartspeler met keu, overtroffen door Jefferson Davis. Leg deze cartoon uit en betrek in je antwoord de relatie tussen Lincoln en Jefferson Davis.

14.6 - De bekendste karikaturen van Lincoln zijn door Tenniel getekend vlak voor en direct na de moord op Lincoln en gepubliceerd in het blad Punch. Beschrijf en verklaar de betekenis van deze twee cartoons.

14.7 - Licht toe wat Herbert Milton bedoelt met: ‘Een maand na de moord op Lincoln maakte Tenniel het ‘goed’'.

14.8 - Waarom weigerden in 1860 ‘Zuidelijke’ postbeambten in de VS het tijdschrift Harper's Weekly rond te brengen?

14.9 - Licht de stelling toe dat tijdens de verkiezingscampagne van Lincoln kunst in dienst stond van de politiek.

14.10 - Wie was Thomas Nast en waarom werd hij de beste rekrutenwerver van de VS genoemd?

14.11 - Welke onderwerpen kwamen in de cartoons van Nast voor en welke gevoelens riepen deze op?

14.12 - Wat was het belang van de latere tekeningen van Nast?

14.13 - Tijdschriften als Harper’s Weekly en Vanity Fair bevorderden de ontwikkeling van gravures op basis van foto’s. Leg uit hoe deze gravures gemaakt werden en verklaar op welke manier zij (in grote oplage) gedrukt konden worden.

14.14 - In de tekst staat: ‘Het debat over de vraag of de nationale regering kunstenaars en musea moet helpen voor het algemeen geluk en welvaren vindt al minstens een eeuw plaats’. Wat is jouw mening hierover? Vind jij dat culturele instellingen subsidie moeten krijgen, of denk je dat kunst in ‘de vrije markt’ thuishoort? Licht je mening toe.
__________________________________________

politiek 1900-1945
15. HET REALISTISCH MANIFEST 

In het Realistisch Manifest (1920) tekst maken Naum Gabo en zijn broer Antoine Pevsner hun ideeën kenbaar over kunst en welke rol kunst moest spelen in een nieuwe en communistische samenleving. Aanleiding voor het schrijven van de tekst is de eerste tentoonstelling van hun constructies in Rusland. Ze pogen hun beeldend werk daarmee te verklaren en te verdedigen. In 1932 is de tekst opnieuw gepubliceerd onder de bekendere titel Constructivistisch Manifest. 

Lees de BRON. De tekst past in de context politiek, tijdvak 1900-1945.

Zowel Antoine als Naum worden beschouwd als de belangrijkste exponenten van de constructivistische beweging in de beeldhouwkunst van de twintigste eeuw. Het was een huwelijk tussen kunst en mathematica.

15.1 - De broers Gabo en Pevsner stellen in hun ‘Realistisch Manifest’ dat de grondvesting van hun kunst gebaseerd zal moeten zijn op de werkelijke wetten van het leven. Welke zijn volgens Gabo en Pevsner de werkelijke wetten van het leven?

15.2 -  Welke zijn volgens de broers de enige vormen waarop leven is gebaseerd en van waaruit kunst zal moeten worden opgebouwd?

15.3 - In het Realistisch Manifest wordt gesteld dat kunst tijd en ruimte moest uitbeelden. Leg uit waarom Naum Gabo en Antoine Pevsner dit uitgangspunt kozen.

15.4 - In het realistisch manifest wordt verklaard waarom deze kunstenaars afzien van kleur als schilderkunstig element. Verklaar waarom zij daarvoor kozen. 

15.5 - In het realistisch manifest wordt gesteld dat lijnen slechts 'beschrijvend' zijn. Noem twee toepassingen daarvan die genoemd worden. 

15.6 - Waarom zien Gabo en Pevsner af van volume als schilderkunstige/plastische vorm voor ruimte? 

15.7 - Het realistisch Manifest noemt de diepte als enige vorm van ruimte. Welke vormen van ruimte-uitbeelding verwerpen zij?

15.8 - Een ander radicaal uitgangspunt was de verklaring dat zij "een nieuw element, een kinetisch ritme als de basisvorm voor onze perceptie van de werkelijke tijd" zouden bevestigen'. Welke oude misvatting in de kunst wordt hierbij genoemd?

Beide beeldhouwers waren pioniers van de kinetische kunst. Zij ontdekten het gebruik van metaal in de beeldhouwkunst door toepassing van diverse lastechnieken en assemblage van metaaldelen tot sculpturen. Antoine Pevsner was een van de eerste beeldhouwers die ook een brander gebruikte bij het lassen van koperen staven tot sculpturale vormen. Zij stelden: 'We bekrachtigen in deze kunst een nieuw element: de kinetische ritmes. Kinetische ritmes als basisvormen van onze opvatting van werkelijke tijd'. 
15.9 - Leg uit waarom kinetische ritmes tijd beter uitbeelden dan statische ritmes.


Op de afbeelding zie je twee versies van Gabo’s Kop nr. 2 uit 1916, eenmaal in metaal, en eenmaal in koper uitgevoerd. 

15.10 - Dit beeld geeft uitdrukking aan het idee van een kunstwerk als een industrieel product. Leg dit uit.

Gabo stelde in het Realistisch Manifest: “Jullie ouderwetse beeldhouwers blijven nog steeds vasthouden aan het eeuwenoude vooroordeel dat je volume en massa niet van elkaar kunt onderscheiden.”
15.11 - Volgens Gabo zijn massa en volume wel van elkaar te onderscheiden. Leg dit uit aan de hand van Kop nr. 2 van Gabo.

15.12 - Noem drie aspecten waarin het beeld van Gabo fundamenteel vernieuwend is.

__________________________________________

16. UNOVIS: BRANDPUNT VAN EEN NIEUWE WERELD

Aleksandra Shatskikh schrijft in de tentoonstellingscatalogus van de expositie De grote Utopie, Russische avant-garde 1915-1932 van het Stedelijk Museum Amsterdam over Unovis, een zelfbenoemde kunstpartij (1919-1922). De tekst hoort bij de context politiek, tijdvak 1900-1945 maar heeft ook een sterke relatie met de context utopie uit hetzelfde tijdvak.

Lees de BRON. De tekst past in de context politiek, tijdvak 1900-1945.

16.1 - De kunstenaarsbeweging UNOVIS presenteerde zichzelf als 'kunstpartij'. Breng deze ongewone benaming in verband met de politieke situatie in Rusland.

16.2 - Deze ”partij” van avant-garde kunstenaars wilde 'het aanbreken van nieuwe levensvormen' zowel praktisch als ideologisch veilig stellen. Geef twee voorbeelden van praktische uitwerkingen van dit streven.

16.3 - In de tekst wordt melding gemaakt van Supremus, een groep Russische avant-garde kunstenaars onder leiding van Kazimir Malevich. Supremus kwam voort uit UNOVIS, maar had een aangepaste doelstelling. Leg uit waar Supremus de nadruk op legde.

De Russische kunstenaar Rodtsjenko was lid van een vergelijkbare groep, maar hield rond 1924 op met schilderen en ging fotograferen. Hij deed de volgende uitspraak over fotografie: "Voor kunst is er in het dagelijks leven geen plaats… Elk beschaafd en modern mens moet tegen kunst ten strijde trekken, want zij is als opium. Fotografeer en laat U fotograferen!"

16.4 - Leg uit waarom voor Rodtsjenko de kunst had afgedaan en waarom hij een voorstander was van de fotografie.
Op deze afbeelding zie je jonge zweefvliegers, een foto van Alexander Rodtsjenko voor het tijdschrift USSR in opbouw uit 1933. Rodtsjenko werkte, net als vele andere kunstenaars in de Sovjet-Unie, in opdracht van de overheid. Rodtsjenko maakte vanuit deze opdrachtsituatie weloverwogen keuzes voor de voorstelling en de vormgeving van deze foto.

16.5 -  Leg voor zowel de voorstelling als de vormgeving uit hoe zijn keuzes gemotiveerd zijn vanuit deze opdrachtsituatie. Geef vervolgens aan welke boodschap er uit dit beeld spreekt.
__________________________________________

17. KUNST EN PROPAGANDA

William Pickens schreef in 1924 over de relatie tussen propaganda en kunst. Hij stelde dat propaganda doel en bestaansrecht is van kunst, maar daar ver bovenuit kan stijgen. 

Lees de BRON. De tekst hoort bij de context politiek, tijdvak 1900-1945.

17.1 -  Welke opvatting hebben kunstenaars en niet-kunstenaars die hen tot een cultuurbarbaar maken, volgens William Pickens? Licht deze opvatting toe.

17.2 -  Welke bewering/opvatting ligt dichter bij de waarheid dan de opvatting dat ‘kunst en propaganda niet samen gaan’? Licht deze opvatting toe.

17.3 -  Hoe kijkt men tegen propaganda aan, gezien in deze opvatting?

17.4 -  Wat is volgens Pickens de functie van kunst in relatie tot propaganda?

17.5 -  Welke vergelijking maakt Pickens ten aanzien van propaganda en kunst? Leg deze vergelijking met je eigen woorden uit.

17.6 -  Wat is volgens William Pickens de oorsprong van kunst?

17.7 -  Pickens vindt dat er 'geen verschil is tussen doel en propaganda, tenzij . . .'. Vul deze zin aan en licht deze opvatting toe.
__________________________________________


politiek 1945-2010


18. DRAAGBAAR OORLOGSMONUMENT

Ad de Visser gaat in dit fragment uit Kunst met voetnoten (1996) op de betekenis van het werk Draagbaar Oorlogsmonument (Portable War Memorial) uit 1968 van Edward Kienholz. Het is een politieke boodschap die Kienholz hier volgens De Visser uitdraagt.

Lees de BRON. De tekst sluit aan op de context politiek, tijdvak 1945-2010.

Op de afbeelding zie je het Marine Corps War Memorial uit 1954 in Arlington (VS). Dit monument is gewijd aan alle militairen die sinds 1775 sneuvelden in dienst van de Amerikaanse Marine. De bronzen beeldengroep is ontworpen door Felix de Weldon.
Het Marine Corps War Memorial is erop gericht de toeschouwer te imponeren.

18.1 - Leg voor zowel de voorstelling als de vormgeving uit hoe het beeld de toeschouwer imponeert.

Het ontwerp van het Marine Corps War Memorial is gebaseerd op een foto van de Amerikaanse fotograaf Joe Rosenthal, die hij maakte van de Amerikaanse landingsoperatie op het Japanse eiland Iwo Jima in de Tweede Wereldoorlog.

De groepering van de soldaten in het ontwerp van Felix de Weldon wijkt af van de foto van Rosenthal.
18.2 - Beschrijf waarin de groepering van Felix de Weldon verschilt van de foto en geef aan welke symbolische betekenis het daardoor krijgt.

Rosenthal won met zijn foto de Pulitzer Prize, een prestigieuze prijs voor nieuwsfotografie. Al snel na de eerste publicatie (1945) ontstond er veel discussie over de authenticiteit van de foto: Rosenthal zou de foto geënsceneerd hebben.
18.3 - Leg uit waarom het ensceneren van oorlogsfoto's veel discussie oproept.

Edward Kienholz (1927-1994) maakte in 1968 het Portable War Memorial. Deze titel kan opgevat worden als een commentaar op het Arlington War Memorial.
18.4 - Leg uit hoe de titel Portable War Memorial een commentaar levert op het Arlington War Memorial. Betrek beide werken in je antwoord. 
Kienholz maakte het Portable War Memorial in 1968 toen de kritiek op de Amerikaanse betrokkenheid bij de oorlog in Vietnam steeds meer toenam. Hij stelde dat hij de beschouwer een spiegel wil voorhouden om zo een beter begrip te kweken voor wat 'ons' (als cultuur) beweegt, motiveert. Ook zei hij dat het kunstwerk gelezen kan worden als een boek: van links naar rechts.

Op de afbeelding hierboven zijn bij het Portable War Memorial in vier delen aangegeven. In elk deel gebruikte Kienholz één of meer symbolen om zijn idee over te dragen.

18.5 - Geef per deel aan welke symbolen Kienholz gebruikte en leg uit waar deze symbolen voor staan.
__________________________________________
Het werk The Iceman Cometh uit 2001 van Folkert de Jong is gemaakt van blauw isolatieschuimplaten (styrofoam) en bruin purschuim. De titel van het kunstwerk verwijst naar een toneelstuk waarin aan lager wal geraakte figuren, onder wie enkele oorlogsveteranen, hun leven slijten in een obscure bar. 
De beeldengroep toont oorlogsveteranen, die een bizarre optocht van zes mismaakte gestalten vormen. Ze zijn mank, zitten in een rolstoel of zijn anderszins gehavend uit de strijd gekomen. Het is een soort anti-oorlogsmonument, in de sfeer van de schilderijen van bijvoorbeeld Otto Dix en Georg Grosz die maakten van oorlogsveteranen van de Eerste Wereldoorlog. 

The Iceman Cometh maakte onderdeel uit van een tentoonstelling over het werk van De Jong in het Groninger Museum. In de tentoonstellingscatalogus werd over dit werk opgemerkt: "In zijn opzet en thematiek is the Iceman Cometh een perfecte antithese van het klassieke oorlogsmonument". 

18.6 - Leg uit hoe dit werk qua vormgeving een antithese is van het klassieke oorlogsmonument. Betrek twee vormgevingsaspecten in je antwoord.

18.7 - Leg uit hoe dit werk in thematiek een antithese is van het klassieke oorlogsmonument. 
__________________________________________ 

Op de afbeelding rechts zie je een foto van het project Domestic Tension van Wafaa Bilal uit 2007.
Bilal verbleef een maand lang permanent in een afgesloten ruimte in een galerie in Chicago. Het publiek kon Bilal volgen via een website. De ruimte waarin hij verbleef was voorzien van een webcam en een paintballgeweer dat via de website gericht en afgevuurd kon worden. 

De website van Domestic Tension is tachtigmiljoen keer bezocht en er zijn zestigduizend verfkogels afgevuurd. Het project riep een grote hoeveelheid verdeelde reacties op. Een groep mensen organiseerde vierentwintig uurs bescherming voor Bilal door het paintballgeweer voortdurend van hem weg te richten.

In het boek Shoot an Iraqi, Art, Life and Resistance under the Gun (2008) doet Bilal onder meer verslag van zijn ervaringen in dit project.
Met dit werk probeert Bilal het gevolg van moderne oorlogsvoering voor zijn publiek inzichtelijk te maken.

18.8 - Geef aan wat het effect is van deze moderne wijze van oorlogsvoeren en leg uit hoe Bilal dit voor zijn publiek inzichtelijk maakt.


De relatie tussen kunstwerk en publiek is bij Domestic Tension wezenlijk anders dan bij het Portable War Memorial van Kienholz.

18.9 - Beschrijf twee verschillen in de relatie tussen kunstwerk en publiek. Betrek beide werken in je antwoord.
__________________________________________
Hans Haacke, geboren in Duitsland in 1936, is een kunstenaar die woont en werkt in New York en bekend staat als een zeer kritische, geëngageerde kunstenaar. Zijn werk is vaak gericht op het blootleggen van het systeem waarbinnen kunst opereert.

Haacke deed de volgende uitspraak:
"Als je protestschilderijen maakt is het waarschijnlijk dat je binnen de kaders van het systeem blijft dat je aanvalt. Het kan voldoening geven om iemand aan te wijzen en te zeggen: 'dat is de rotzak die schuldig is'. Maar, in feite, op het moment dat het werk in de openbaarheid verschijnt, bereikt het alleen die mensen die dezelfde gevoelens delen en al overtuigd zijn. Beschuldigingen zetten je niet aan het denken".

Volgens Haacke, zo blijkt uit dit citaat, zijn kunstwerken die misstanden aan de kaak willen stellen niet altijd even succesvol.

18.10 - Rangschik onderstaande kunstwerken vanuit Haackes optiek van meest naar minst succesvol. Leg daarbij telkens uit waarom het kunstwerk deze positie in je rangschikking inneemt.

- Portable War Memorial
- The Iceman Cometh
- Domestic Tension
__________________________________________

19. Kunst & Agenda

In een tekst uit het boek Art & Agenda (2011) wordt de interactie tussen politiek, kunst en activisme onderzocht. In de inleiding bespreken de auteurs R. Klanten en R. Jansen wat politieke kunst is.

Lees de BRON. De tekst sluit aan bij de context politiek, tijdvak 1945-2010.

19.1 - In deze tekst wordt de vraag gesteld naar het verschil tussen politieke kunst en niet-poltieke kunst. De schrijvers constateren dat beide kunstvormen ‘commercieel’ zijn. Leg uit wat zij onder commercieel verstaan.


Ai Wei Wei, Study in Perspective, serie van foto's uit 1995-2003 gemaakt op 'plekken van de macht', hier: Peking, Tiananmen Plein.


19.2 - Bekijk de Study in Perspective van Ai Wei Wei, en leg uit waarom dit gezien kan worden als politieke kunst.

19.3 - Waarom maakte het gebaar van Willy Brandt (het knielen) zoveel indruk op de Polen?

19.4 - De schrijvers bespreken twee politieke gebeurtenissen, en vergelijken die met politieke kunst. Beide vormen kunnen de geschiedenis veranderen. Welke overeenkomst zien zij als een voorwaarde?
__________________________________________

20. Engagement - welk engagement?

Deze tekst van Bas Heijne is gepubliceerd in de bundel Nieuw Engagement (2003), een uitgave in een serie van NAi Uitgevers waarin relevante maatschappelijke thema’s voor architectuur, stedenbouw, beeldende kunst en vormgeving worden besproken. Heijne betoogt dat de kunstenaar zich het beste kan engageren door de kracht van zijn verbeelding. Nostalgie of politiek bedrijven zijn niet de richtingen waarin de kunstenaar het moet zoeken.

Lees de BRON. De tekst past in de context politiek, tijdvak 1945-2010.

20.1 - In de tweede en derde alinea van deze tekst noemt Bas Heijne een romantisch kenmerk van de
geengageerde kunstenaar. Welk kenmerk bespreekt hij hier?

20.2 - Heijne geeft een verklaring voor het gegeven dat in de massacultuur het onderscheid tussen kunst en
entertainment steeds meer begon te vervagen. Leg dit uit.

20.3. Heijne stelt hier dat de politieke betrokkenheid van de anti-globaliseringsbeweging voortkomt uit een diep gevoel van onvrede. Leg uit wat hij in deze context bedoelt met het ‘logo’.

20.4. Bas Heijne neemt stelling tegen politiek geengageerde kunst, dat kunnen anderen beter. Leg uit wie hier bedoeld wordt.

20.5. Welke rol ziet Bas Heijne nog voor geengageerde kunstenaars weggelegd?

__________________________________________